Horen is kennen

maart 2017

“Je kunt het niet uitzetten hè?”, vroeg de journaliste van het Leidsch Dagblad. We waren op vogelexcursie naar aanleiding van mijn nieuwe boek, gewoon vanuit huis, in het Bos van Bosman en Endegeest.

Veel vogels hoor je eerder dan je ze ziet, dus als gids ben je gespitst op elk geluid. “Vergelijk het met een radiozender die alleen maar bekende liedjes speelt maar dan in verschillende covers.”, antwoordde ik. Heel af en toe valt je een uitvoering op die je niet kent: zeker een nieuwe release.

Veel vogelaar beweren dat je vogelzang niet kan leren, behalve als je het op jonge leeftijd ingeprent hebt. Ik vind dat onzin. Een mens is nooit te oud om te leren. Zelfs op hoge leeftijd kun je de zang van vogels nog leren kennen. Wel gaat het gehoor achteruit met de leeftijd, vooral bij mannen en vooral na hun 60e. Dat is jammer voor al die pensionado’s de vogels met de hoogste tonen horen ze dan niet goed meer, wat leidt tot aanzienlijke lagere aantalschattingen bij vogelinventarisaties.

Op onze excursie telden we 32 vogelsoorten, waaronder een paar bijzondere, zoals de groene specht en de ijsvogel. Dat komt omdat de natuur hier zijn gang heeft kunnen gaan. Zodra je er recreatienatuur van gaat maken, is het met de rust gedaan en verdwijnen juist de bijzondere dieren en planten.

Advertenties

232

maart 2017

Een karper is een geliefde vis onder hengelaars. Karpers zijn groot en sterk en ze uit het water halen is daarom een uitdaging.  De karper is oorspronkelijk een exoot, afkomstig uit de landen rond de Zwarte Zee, de Kaspische Zee en het Aralmeer. Hij houdt van warm, stilstaand water waar hij zich voedt met waterdiertjes zoals insectenlarven, garnalen en wormen. Die zoekt hij door de bodem om te woelen met zijn sterke bek. Maar daardoor wordt het water troebel en gaat de biodiversiteit in het water achteruit: het zonlicht kan niet meer diep in het water doordringen, dus planten verdwijnen, enz. Om de waterkwaliteit te verbeteren worden dan ook weleens karpers en brasems (ook al van die bodemwoelers) uit het water gehaald en elders uitgezet, waar het geen kwaad kan.

Van nature kan een populatie karpers zich in Nederland niet handhaven. Misschien is ons klimaat ongeschikt of het water te koud; in elk geval planten zich hier nauwelijks voort. Om toch te kunnen karpervissen zetten hengelsportvereniging daarom regelmatig karpers uit; vaak kweekkarpers of karpers uit het buitenland. Twee weken terug zijn er nog 232 stuks uitgezet in wateren in en om Leiden. Ik vind dat idioot: vissen in het water loslaten met geen ander doel dan om ze er weer uit te hengelen, en dat in het oneindige.

Verkiezingen

maart 2017

Ook voor dieren is het verkiezingstijd. Mannetjesvogels stellen zich kandidaat voor de belangrijkste positie van hun leven: het exclusieve recht om een vrouwtje te mogen bevruchten, of liefst meerdere vrouwtjes. Daarvoor sloven ze zich behoorlijk uit. Winterkoningen bijvoorbeeld maken meerdere nesten, Het vrouwtje inspecteert die een voor een en kiest er ten slotte een uit. De bouwer van het nest heeft de hoofdprijs: nageslacht. Andere vogels doen dat ook met een zo mooi mogelijke zang. Zo proberen ze de aandacht van het vrouwtje te trekken.  Deze weken hoor je vooral de koolmezen heel veel. Eenvoudige liedjes, bestaande uit maar 2 of 3 noten, waarmee ze verbazend veel liederen kunnen maken. Een koolmeesman leert zijn leven land door en verrijkt zijn repertoire door de jaren heen.

Het vrouwtjes is enorm selectief in de partnerkeuze. Alleen het beste mannetje mag haar bevruchten. Hoe weet zo’n vrouwtje welk mannetje de beste kandidaat is? Door naar de songteksten te luisteren. Vrouwtjes hebben een duidelijke voorkeur voor koolmezen met zoveel mogelijk variatie in hun liederen. Dat zijn dus altijd de oudere mannetjes. Hoe ouder een koolmeesman, hoe aantrekkelijker hij dus is voor de vrouwtjes. Bij mensen is dat alleen voor de Rolling Stones weggelegd.

Veldgids vogelzang

maart 2017

Deze week verschijnt mijn nieuwe boek: de Veldgids Vogelzang, bij de KNNV uitgeverij. Het is de opvolger van twee eerdere boeken over vogelzang, die ik eigenlijk vooral voor mezelf had geschreven, om al die geluiden uit elkaar te houden.

Ik had wel verschillende vogelboeken, de een nog dikker dan de ander, maar die gaan allemaal over het verenkleed, en veel vogels laten zich nu eenmaal eerder horen dan zien. Verder is het zo dat veel vogels verschrikkelijk veel op elkaar lijken: er is een familie van groengele vogels die zonder verrekijker alleen op geluid te onderscheiden zijn.

Tijdens de IVN-natuurgidsencursus van 2000-2002 heb ik daarom veel kenmerken van vogelzang systematisch op een rijtje gezet en dat resulteerde in mijn eerste boek: Wat zingt daar? Ruim 100 Nederlandse vogels die vooral door hun geluid opvallen. Maar een mens vogelt door en komt in Europa ook andere vogels tegen. De nieuwe veldgids is daarom dubbel zo dik en in plaats van een cd komt er een gratis app bij met alle beschreven geluiden. Het was 13 maanden vrijwel full-time-werk maar het resultaat is prachtig. 10 maart ligt het boek in de winkel en zondag 12 maart komt het aan de orde in Vara’s Vroege Vogels.

Fama is dood

februari 2017

Precies een jaar geleden is ze voor het laatst gezien, bij Katwijk aan Zee. Wel keek meeuwenkenner Maarten van Kleinwee regelmatig naar haar uit bij de viskramen op de Nieuwe Rijn, waar ze zaterdags steevast haar kostje bij elkaar scharrelde.

Van Kleinwee is een van de weinigen die zich specifiek voor meeuwen interesseert. In Leiden gaat hij ’s winters op zoek naar meeuwen met een kleurring om de poot. Hij volgt daarbij een vast rondje, daar waar de meeste meeuwen zich ophouden. “Meeuwen zijn ontzettend tijd- en plaatstrouw, ze trekken altijd naar exact dezelfde plekken”. Dankzij jarenlange ringwaarnemingen is het levensverhaal van zo’n meeuw te volgen.

FAMA is in 1986 als kuiken geringd in de zilvermeeuwenkolonie in Meijendel met als code ZDGA (Zwarte D, Groene A). In 2015 is de meeuw opnieuw geringd met ringaanduiding FAMA. Fama bleek een echte kustmeeuw. Haar leven speelde zich af tussen Camperduin en de Brouwersdam. En op zaterdagen in Leiden, bij het scheiden van de markt.

Vorige week mocht ik mee met Maarten. We zagen meeuwen uit Nederland, maar ook uit Scandinavië, Frankrijk en Polen. Het leek wel een internationale conferentie. Maar Fama was er weer niet bij. “Dood?” “Na een jaar mag je conclusie wel trekken; 29 jaar oud is ze dus geworden.”

Streamer

Zelf een meeuw met een ring gezien? Meld het op https://www.vogeltrekstation.nl/nl/vogels/ring-gevonden

Winterakoniet

februari 2017

Trump verpest veel, zo niet alles, maar hij heeft gelukkig nog geen invloed op de natuur in Nederland. De vogels zingen, planten komen op; de kracht van de natuur kent geen grenzen. Neem nou de winterakoniet. Dat is een van de vroegst bloeiende planten; hij bloeit midden in de winter, soms dwars door de sneeuwlaag heen zoals we vorige week konden zien. Het is altijd een wedstrijdje met het sneeuwklokje wie het eerste bloeit.

Tot voor kort had ik nog nooit van de winterakoniet gehoord, maar het blijkt een soort uitvergrote versie van een boterbloem: 6 gele kroonbladeren en groene schutbladeren die hen als een kraagje tegen de kou beschermen. Ze kunnen goed tegen lage temperaturen, want oorspronkelijk komen ze uit zuid-Europese berggebieden, van Zuid-Frankrijk tot de Balkan. Honderden jaren geleden zijn ze in Nederland ingevoerd en aangeplant op landgoederen in Friesland, Groningen en in de Vechtstreek. Ze worden, net als krokussen, sneeuwklokjes en nog heel veel andere soorten tot de ‘stinzenflora’ gerekend. Een ‘stins’ is een Fries woord voor het ‘stenen huis’ dat op dat landgoed staat.

Inmiddels tref je ze in heel Nederland aan, doordat mensen ze aan elkaar doorgaven, maar ook omdat ze zich gemakkelijk uitzaaien. Hoewel dus eigenlijk een exoot, staat de winterakoniet inmiddels in alle plantenboeken inmiddels te boek als een inheemse plant: ruim geslaagd voor zijn inburgeringscursus dus.

Bloeiende hazelaars

februari 2017

Tijd om weer eens een boom op de kaart te zetten want de hazelaar bloeit! Boom is een groot woord, want de Corylus avellana is meer een struik. Aan de takken zie je momenteel mannelijke katjes hangen. Ze beginnen heel klein en grijsgroen, maar groeien bij de juiste temperatuur uit tot lange sliertjes, die geel kleuren van het vele stuifmeel. De hazelaar is een van de eerste planten die in het jaar in in bloei komt, midden in de winter zelfs. Het gaat heel snel: je ziet het gebeuren als je hazelaarstakken binnen in een bloemenvaas zet.

Als je een tak van een hazelaar beter bekijkt, zie je allerlei knoppen zitten. Uit sommige daarvan komen heel discreet allerlei rode stekeltjes tevoorschijn. Dat zijn de stampers van de vrouwelijke bloemen die het stuifmeel opvangen. De katjes en de stampers bloeien niet tegelijk, om zelfbestuiving te voorkomen. Daar komen ongelukkige of onvruchtbare nakomelingen van. De stampers vangen dus stuifmeel op van andere planten en bewaren dat een tijdje. De feitelijke bevruchting gebeurt pas in het begin van de zomer. Hieruit ontwikkelen zich dan weer de bekende hazelnoten, van die pasta, weet u wel? In het bekendste merk, Nutella, zit overigens veel meer suiker en palmolie dan hazelnoten.

Waarom zingen vogels? 

februari 2017

Volgens de kalender is het nog winter, maar de vogels maken zich al op voor de lente. Voorjaar: dat betekent broedseizoen en dat houdt weer in dat je een gebied moet afbakenen. Honden doen dat met geurvlaggen, mensen met schuttingen en tuinhekjes en vogels doen dat, zoals bekend, met zang.

Ze zingen niet omdat ze vrolijk zijn, of om God te loven met hun lied, maar om de buurman te waarschuwen. Dat-ie het niet in zijn kop haalt om in hetzelfde gebied te gaan nestelen! Zo’n eigen gebied is voor dieren van levensbelang. Het is een soort jachtgebied waar alleen de rechtmatige eigenaar exclusieve rechten op heeft. De sterkste mannetjes veroveren de beste territoria. Losers moeten het doen met minder gunstige plekken: met minder wormen of rupsen, of gevaarlijk dicht bij mensen. Het nestkastje in onze tuin bijvoorbeeld is om die reden niet alle jaren bezet. Zingen heeft nog een andere functie: een vrouwtje lokken. De meeste vogels zingen tegen vrouwtjes precies hetzelfde als tegen andere mannetjes, maar soms gebruiken ze een heel andere zang, of andere noten. Luister maar eens naar het verschil tussen de ochtend- en de avondzang van merels. Ik heb de indruk dat ze ’s ochtends agressiever zingen dan ’s avonds. Pillow-talk, zou ik bijna zeggen.

Tropische verrassing met ijs

februari 2017

Vorige week zag je opeens ijsvogels op plekken waar ze nooit eerder kwamen. Vaak op bruggetjes, want daaronder is het vaak ijsvrij. IJsvogels eten vrijwel uitsluitend vis, dus ze komen in grote problemen als de slootjes opeens dichtvriezen. Ze zoeken dan open water: een wak in de sloot, buurt, maar ook wel plassen en meren of brak water. De vorstperiode moet niet te lang duren. Een strenge winter is een hongerwinter, waar ze massaal sterven. IJsvogels hebben daar iets op gevonden: ze maken meerdere nesten per jaar zodat verliezen meteen goedgemaakt worden. Vroeger zag je ze vooral in het oosten en zuiden van ons land, waar beekjes zijn die nooit bevriezen, met steile oevers waar ze hun resthol in uitgraven. Maar door de milde winters van de laatste jaren is de ijsvogelstand enorm toegenomen. Ook in het westen van het land zijn ze geen zeldzame vogels meer. Toch is het altijd weer een tropische verrassing, zo’n ijsvogel.

Over de herkomst van de naam bestaan twee theorieën. Eén ervan zegt dat de naam is afgeleid van ijzer. De blauwe kleur van de ijsvogel zou op het ijzer lijken zoals dat er vroeger uitzag: blauwig van kleur. Ik vind de andere verklaring waarschijnlijker: de ijsvogel is de vogel die je vaak op het ijs ziet, zittend aan de rand van een wak, loerend op een visje.

Molshopen in de sneeuw 

januari 2017

Hoe reageert de natuur op plotselinge vorst? Wat vorige week opviel waren de verse molshopen in de sneeuw. Het wordt kouder dus alle wormen kruipen dieper de grond in, en de mollen gaan hen achterna.  Ze graven extra tunnels en de aarde die daarbij vrijkomt, verschijnt boven de grond, altijd vlak voor of  na een vorstperiode.

Ook veel vogels hebben last van de kou, want in bevroren ondergrond is het lastig wormen of torretjes zoeken. Spinnetjes en overwinterende insecten houden zich schuil in schors, kieren en schuren. Veel dieren sterven door voedselgebrek; alleen de sterkste individuen blijven over.

Planten hebben natuurlijk ook last van de vorst. Alles in de tuin wat niet winterhard is, sterft, tot vreugde van de tuincentra die komend voorjaar weer gretig een nieuwe voorraad planten willen leveren. Je kunt ze met doek of stro afdekken, dat helpt tegen bevriezen.

Inheemse planten beschermen zichzelf door suikers op te lossen in het water van hun cellen. Die suiker werkt als een soort antivries, waardoor de bladeren niet bevriezen. Daardoor smaken spruitjes waar de vorst overheen is gegaan lekkerder (zoeter) dan spruitjes die eerder geoogst zijn. Wijnboeren hopen zelfs op vorst: bevroren druiven vormen de basis voor de hooggewaardeerde ijswijnen: mierzoete wijnen die vaak als dessertwijnen worden gebruikt.